van Andalusië — Ubrique⇒ Almadén de la Plata
Vanuit het witte stadje Ubrique klimmen we de Sierra de Grazalema in — en wat een verrassing. Op eeuwenoude Romeinse wegen, de stenen los en glad, bereiken we een verborgen hoogvlakte: een groene kom omringd door kale grijze rotspieken, met koeien, paarden en wilde narcissen. Dit is het Spanje dat zelfs Spanjaarden nauwelijks kennen.
Bij Ronda staan we aan de rand van de beroemde kloof, met diep onder ons de rivier en boven ons de 18e-eeuwse brug. Dan volgen we de Via Serrana, een eeuwenoud pelgrimspad dat ons door een lappendeken van olijfgaarden, zonnebloemvelden en golvende graanakkers naar Sevilla brengt. We lopen over de Via Verde de la Sierra — een nooit voltooide spoorlijn met tunnels en viaducten waar nooit een trein heeft gereden — en tellen vijftig vale gieren boven het Peñón de Zaframagón.
In Sevilla belanden we midden in de Semana Santa. Duizenden mensen in puntkappen en sterke mannen die metershoge Mariabeelden door de straten dragen, begeleid door koper en wierook. Het is surreëel en onvergetelijk. En als we op paaszondag bij het Plaza de España aankomen, weten we: Andalusië heeft ons hart gestolen.
Voorbij Sevilla verandert het landschap opnieuw. Bij Italica staan we in een Romeins amfitheater voor 25.000 toeschouwers, en in de Sierra Morena lopen we door kurkeiken- en steeneikenbossen op zachte zandpaden — een verademing na de harde asfaltkilometers.
3 reacties
Bon Camino / Bonne route :-)