Wat een mooie stad is Cáceres! De eerste indrukken toen we aankwamen waren al goed en het werd alleen maar beter. De kleine steegjes, mooie pleinen en oude gebouwen van de oude binnenstad met 2000 jaar aan geschiedenis. Een Romeinse stadsmuur, torens uit de Arabische tijd, een Middeleeuws kasteel en kerken uit de 15e eeuw toen dit deel van Spanje weer Christelijk werd. Uit elk deel van de Spaanse geschiedenis is hier wat bewaard gebleven. Het is een stad waar bussen toeristen naartoe komen, maar toch is het oudste deel authentiek en zeker niet overlopen. Er zijn nog genoeg unieke plekjes waar niet snel toeristen komen. Zo liepen we door een Middeleeuws steegje waar mensenbotten in de muur zijn verwerkt, en zijn er een stukje buiten het centrum in een grot onder flats in een buitenwijk, Neanderthaler rotsschilderingen te bewonderen. De meeste mensen blijven rond de Plaza Mayor en de winkelstraatjes. Want naast de mooie oude gebouwen, heeft de stad ook veel restaurantjes en zijn in het centrum vooral boutique winkeltjes te vinden. Het was een zonovergoten zomerse dag en de terrassen zaten vol, dat maakte de stad wel extra gezellig.
En in de avond stuitten we onverwachts nog op een festiviteit in het midden van de stad. We waren onderweg om een hapje eten te halen en zagen dat Plaza Mayor wel erg druk was. Een strook vanuit een zijstraat richting het stadhuis was vrijgelaten en lag bezaaid met takken rozemarijn. Door de heerlijke geur werd de trek wel extra aangewakkerd, maar we waren natuurlijk toch nieuwsgierig. Het bleek ‘La Virgin de la Montaña Cáceres’ te zijn, oftewel het feest van de Maagd van de bergen die terugkeert naar Cáceres. Kort uitgelegd was het een stoet mensen, jong en oud, man en vrouw in klederdracht, van blauw-witte jurken tot kleurrijke kostuums, lopend in processie naar het stadhuis, met aan het einde een groot Mariabeeld en fanfare muziek. Ons deed het erg aan Samana Santa viering denken, zoals we deze in Sevilla gezien hebben, maar dan een stuk vrolijker. Het is ook echt een feest om het voorjaar te vieren en is het begin van een feestelijke periode in Cáceres. Zó apart dat elke stad weer z’n eigen tradities heeft, die uitgebreid gevierd worden.
Wij hebben genoten van de stad. Maar ook vanochtend gaan we weer op pad, op zoek naar wat het Spaanse binnenland nog meer voor ons in petto heeft. Deze etappe zal met iets meer dan 10 kilometer een erg korte zijn. Dit om de komende etappes beter op te kunnen delen en na vandaag weer eens te kunnen kamperen. Het wordt vandaag 34 graden, dus deze bescheiden afstand vinden we helemaal niet erg. We hebben vanochtend tot maar liefst 8 uur uitgeslapen en nog wat inkopen gedaan voor komende dagen. Uiteindelijk is het 11 uur als we de stad langs een grote arena en een zee van rozen uitlopen. Aan de rand van de stad sturen de gele pijlen die de route aanduiden ons de andere kant op dan de officiële route, die een lang stuk langs de weg gaat. Omdat we vandaag wel wat tijd over zullen hebben, besluiten we het erop te wagen en de pijlen te volgen. Daardoor moeten we behoorlijk wat meer stijgen en dalen, maar lopen we wel door een mooi stuk heuvelachtig landschap en komen we een wandelaar tegen die de Via de la Plata al vaker heeft gelopen. Hij geeft ons wat tips voor de rest van de tocht. We hebben over de heuvels met eiken een schitterend uitzicht over het platteland onder ons. Het is één grote vlakte tot aan de volgende siërra’s, kilometers verderop. Eenmaal weer beneden lopen we over deze vlakte en hij is even kaal als de laatste kilometers naar Cáceres toe. Gelukkig is er een beetje sluierbewolking vandaag, waardoor het niet zó warm aanvoelt als afgelopen dagen. Het is een grote droge vlakte met geel gras. Er grazen wat koeien en schapen, en we zien na zó veel etappes gevolgd te zijn door de koekoek, eindelijk deze mooie vogel! Een kuifkoekoek strijkt neer op de prikkeldraad naast ons. Vorig jaar in de Ardennen zijn we gevolgd door het geluid, en nu sinds Portugal ook al, maar dit is de eerste keer dat we hem zien, dus we herkennen ‘m niet meteen. Het is wel een heel aparte vogel en lijkt op een kruising tussen een valk, een ekster en een fazant met stipjes. We hebben ‘m kunnen schieten, op foto dan, en moesten Googlen wat het was. Leuk om ‘m eindelijk gezien te hebben.
Vanaf het grasland gaan we onder de autoweg door en volgen we over een zandpad een brede weg naar het dorp. Gelukkig krijgen we in het dorp bericht van het appartement dat we er al in kunnen. Het is van buiten een oude woning met dikke muren. Van buiten is niet voor te stellen wat voor ’n charmante kamers er verscholen liggen achter de gevel. Schitterend opgeknapt, mooie ingerichte appartementen met door de oude lage deurtjes en ramen echt het gevoel van een poppenhuisje. En door de dikke muren ook heerlijk koel. Perfect om aan de warmte van vanmiddag te ontsnappen. En om de etappes weer op de website te zetten, want we zijn alweer bij etappe 50. Een mooi rond getal. We vragen ons toch even af “waar waren we vorig jaar bij etappe 50?”. We waren toen aan het einde van de Jura, net voor het meer van Genève. We hadden 1245 km gelopen in 50 etappes, nu 1212 km, beide in precies 85 dagen. Met zeker in het begin veel te zware rugzakken, de verkeerde schoenen, nauwelijks ervaring en weinig getrainde benen. Dat deden we helemaal niet slecht! Maar wat zijn dit twee totaal verschillende tochten. Wat een ander landschap en wat een andere cultuur. En dat ervaren, wij in ieder geval, het aller-intenste te voet! Op naar de komende 50…